Facebooktwitterlinkedin

De gewenste overgang van minder old boys network naar meer het Nieuwe Toezicht gaat niet zonder slag of stoot. Waar de oude situatie leidde tot ongeregeldheden en falend toezicht, wordt de nieuwe opstelling van de governance codes te veel als een keurmerk voor goed bestuur gehanteerd. Regels kunnen echter ook aanleiding geven tot creatieve manieren van toezichthouden. Zolang we met succes toetsen op de statuten, reglementen en samenstelling bestuur houden we goed toezicht. En wordt de kritische blik afgewend of zelfs niet getoond. Heeft de toezichthouder niet voldoende kennis, vertelt de bestuurder niet alles of zijn de verhoudingen nog niet optimaal?

Waar Ad de Wolf ingaat op de procedure en toezicht bij Het Nieuwe Instituut (HNI), en benadrukt dat toezicht geen franje is, maar vitaal voor de organisatie, wil ik als aspirant-toezichthouder ingaan op het belang, de inzet en de waarde van het netwerk en toezicht.
In de vacature-omschrijvingen voor bestuurders, toezichthouders en commissarissen, wordt bijna zonder uitzondering gevraagd naar het in te brengen netwerk. Behalve ervaring in de branche, is ook een uitgebreid netwerk in diezelfde branche veelal een must. In het old boys network was het netwerk soms synoniem voor belangenverstrengeling, maar ook in het Nieuwe Toezicht blijft het netwerk bij voorkeur ingelijfd en een verlengstuk van het functioneren van zowel bestuurders als toezichthouders. Maar wanneer je dan je netwerk gebruikt, kan het zelfs tegen je gebruikt worden of in het ergste geval als oneigenlijk worden bestempeld.

De media heeft ons voorzien van slechts enkele feiten over de kwestie bij HNI. Feiten en uitspraken die echter (nog) niet volledig zijn, omdat de bestuurder niet bereikbaar was voor commentaar? Of omdat de vragensteller niet heeft kunnen doorvragen of niet heeft durven doorvragen? Of wellicht was hij onkundig de juiste vragen te stellen, en was de snelle nieuwswaarde belangrijker dan een gefundeerd artikel met hoor en wederhoor.
Want stel nu, dat in de HNI-kwestie de keuze voor de eigen partner misschien wel de enige juiste was. Dat herhaaldelijk al is gebleken dat deze relatie uitstekende prestaties heeft geleverd en torenver boven de concurrentie uitsteekt, waarom zou je dan verder zoeken? De criteria zijn behalve de opgave van budget, het te nemen tijdsbestek, ook kwaliteit, ervaring en bewezen diensten. Het te nemen besluit staat eigenlijk al vast.
Wanneer moet je dan toch voor de vorm, de procedure, de governance code, het aanbestedingstraject ingaan en om meer offertes vragen? Een tijdrovende en kostbare zaak voor zowel opdrachtgever als toekomstig opdrachtnemer. Zou het niet zo kunnen zijn, dat de RvT daarom ingestemd heeft met het besluit van de bestuurder, maar dat de journalist is vergeten dat te vragen, te onderzoeken of te vermelden.

De Raad van Toezicht heeft de bestuurder zelf aangenomen in 2013, is akkoord gegaan met de vele voorstellen van deze bestuurder om uit eigen netwerk zijn personeelsbestand aan te vullen (18 medewerkers tijdens een reorganisatie), vult vacatures binnen de Raad aan op eigen advies en instemming. Bovendien heeft de RvT een eigen toezichtlid naar voren gebracht als uitvoerder van een tijdelijke tentoonstelling van HNI. Hier wordt het netwerk goed ingezet, maar wordt de onafhankelijkheid van de toezichthouder aangetast.

Of HNI gemeenschapsgeld verkeerd heeft besteed, is niet bekend, maar de toon is gezet. De publieke meningen over het al dan niet falend toezicht is nu al gevormd. Er gaat een gerucht, de media bericht, de spreekwoordelijke stuurlui reageren, de betrokkenen zijn tijdelijk niet bereikbaar, een commissie wordt ingericht en dan blijkt dat na veel tijd en inzet van (publieks-)geld, als alle feiten op een rij staan, dat het misschien wel anders had kunnen of moeten gaan.

Besturen en toezichthouden zonder de inzet van een netwerk is bijna onmogelijk, maar een dosis boerenverstand, ‘goed koopmansgebruik’ en branchevreemde inbreng zijn hierbij net zo onmisbaar.

Mirjam Knoll, Dragonmarine

Facebooktwitterlinkedin